Je moet de koetjes uit Frankrijk hebben

Wij, haKOEna matata’s hebben op de Gillishof een leven als God in Frankrijk. Daar komen we oorspronkelijk ook vandaan. Dus je zou zeggen, waarom vertrek je ergens waar je het helemaal naar je zin hebt. Uit onszelf waren we ook gebleven waar we zaten, maar ja, er zijn altijd mensen van verder weg die zoeken naar iets beters. Zo ontdekten Nederlandse boeren ons ook. Jan Senden was de tweede boer die dat deed. Er was er maar één voor hem. Maar dat wist hij nog niet toen hij begin jaren 70 op zoek ging naar een mooi vleesras. Je vraagt je misschien af waarom een boer die een stal met veel lekkere melk gevende melkkoeien op zoek gaat naar een vleesras. In die tijd was dat al helemaal ongebruikelijk. Nou was Jan Senden al van nature een beetje van het ongewone, het zoeken naar nieuwe wegen, iets doen met kansen en mensen die voorbij komen. Zo kwam hij in die tijd via een internationale uitwisseling in contact met Ilan Baram. Ilan, een Israëlische boerenzoon kwam op stage bij hem en wilde vooral graag meer weten van zijn vak. En dat was: stieren mesten. Jan had al snel in de gaten dat hij Ilan niet veel meer kon leren. Hij herinnerde zich toen dat hij ooit in een landbouwvakblad iets had gelezen over iemand in Nederland die met een vleesras was begonnen. Maar wie was dat ook weer? Bij het vakblad konden ze hem niet helpen want er werd toen nog geen registratie bijgehouden van wat er allemaal gepubliceerd was. Hij belde de Voorlichtingsdienst en allerlei organisaties in de landbouw. Hij ging van het kastje naar de muur en weer terug. Uiteindelijk belde hij de Franse Ambassade in Den Haag en die kon hem vertellen dat er iemand in Waalwijk, tegenover de Efteling zat met Limousins, ene Vic Timmermans. Jan belde hem of hij eens langs mocht komen. Dat was zeker wel mogelijk, zei Vic, maar als hij de dieren eens wilde zien, kon hij ook terecht in …. (wordt vervolgd)
 

          Reacties (0)

Reacties (0)

Geen reacties gevonden.

Meer reacties